Worrell & Jetten

Vierde arbeidscontract mogelijk !

23-08-2010
Op 29 juni 2010 heeft de Eerste Kamer ingestemd met een tijdelijke crisismaatregel. Deze maatregel houdt in dat het mogelijk wordt om jonge werknemers meer tijdelijke contracten te geven. Deze maatregel is in werking getreden op 9 juli. Vanaf 9 juli is het mogelijk om een werknemer die jonger is dan 27 jaar een vierde tijdelijk arbeidscontract aan te bieden. De regeling geldt tot 1 januari 2012, maar kan bij Koninklijk Besluit verlengd worden tot uiterlijk 1 januari 2014.

De huidige regeling is als volgt: een werknemer kan maximaal drie keer een tijdelijk contract aangeboden krijgen met een maximale gezamenlijke duur van 36 maanden. Onderbrekingen tussen tijdelijke contracten die korter dan drie maanden duren worden meegerekend bij de bepaling van de totale duur van het dienstverband. Als een contract hier overheen gaat wordt dit contract op de datum dat de werknemer 36 maanden in dienst is of een vierde contract krijgt een contract voor onbepaalde tijd. Het vierde of te lange contract wordt geacht een contract voor onbepaalde tijd te zijn vanaf de ingangsdatum.

In de nieuwe wetgeving wordt een vierde contract mogelijk gemaakt. Voor het vierde contract gelden een aantal voorwaarden. Allereerst dient de nieuwe wet in werking te zijn getreden. De tweede voorwaarde is de leeftijd van de werknemer. Deze dient gedurende de gehele duur van het vierde contract jonger te zijn dan 27 jaar. De derde voorwaarde is de duur van alle tijdelijke contracten samen: deze mag maximaal 48 maanden bedragen. Uiteraard geldt de regeling niet voor een vijfde contract, en kan een werknemer die op het moment dat de wet in werking treedt al voldoet aan de bovengenoemde voorwaarden voor een vast contract geen vierde tijdelijk contract aangeboden krijgen. Deze werknemer heeft immers al een vast contract.

Enkele voorbeelden:

1. Jan werkt voor Slim Bekeken B.V., en directeur Piet is zeer tevreden over hem. Door de crisis is Piet voorzichtig geworden met het aangaan van een vast dienstverband, en wil Jan dus nog geen vast contract aanbieden. Stel: de nieuwe wet treedt in werking op 1 september 2010 (dit is in werkelijkheid op 9 juli 2010). Jan is geboren op 12 juni 1984, en is dus 26 jaar. Het derde tijdelijke jaarcontract van Jan loopt af op 30 september 2010. Jan kan een vierde tijdelijk contract aangeboden krijgen, maar let op! Dit contract dient af te lopen vóór Jan 27 wordt. Jan kan dus een nieuw contract voor de duur van 8 maanden krijgen, dat afloopt op 1 juni 2010.

2. Dezelfde situatie als hierboven, maar nu iets gecompliceerder: Jan is geboren op 12 juni 1985, en is dus 25 jaar. Piet wil Jan graag zo lang mogelijk aan Slim Bekeken B.V. binden, en biedt Jan een contract aan tot zijn 27e verjaardag, dus een vierde arbeidscontract voor de duur van 20 maanden. Wat is het gevolg hiervan? De totale duur van de contracten is 4 jaar en 8 maanden, ofwel 56 maanden. Het vierde contract wordt een contract voor onbepaalde tijd op het moment dat Jan 4 jaar in dienst is! Dit betekent dat Jan op 1 oktober 2011 voor onbepaalde tijd in dienst is. Jan’s contract voor onbepaalde tijd wordt geacht te zijn ingegaan op 1 oktober 2010, de ingangsdatum van het vierde tijdelijke contract.

3. Weer terug naar de eerste situatie, maar met een kleine wijziging. Tussen het eerste en tweede tijdelijke contract is Jan een maand op vakantie geweest om te gaan backpacken in Australië. Na een prachtige rondreis gaat hij weer aan de slag bij Slim Bekeken B.V. Het eerste contract liep dus van 1 september 2007 tot en met 31 augustus 2008, het tweede contract van 1 oktober 2008 tot en met 30 september 2009 en het derde contract van 1 oktober 2009 tot en met 30 september 2010. Piet wil Jan na het ingaan van de nieuwe wetgeving een vierde contract aanbieden. Helaas heeft Piet niet zo goed opgelet… De onderbreking tussen de dienstverbanden is korter dan drie maanden, en wordt dus meegeteld bij het bepalen van de duur van het totale dienstverband. Jan is meer dan 36 maanden in dienst, en heeft dus op het moment dat de wet in werking treedt een vast contract! Jan is op 1 september 2010 36 maanden in dienst, en heeft dan met ingang van 1 oktober 2009 een contract voor onbepaalde tijd.

4. Weer terug naar de eerste situatie, maar nu als volgt: het derde tijdelijke jaarcontract van Jan loopt af op 30 juni 2010. Jan kan een vierde tijdelijke jaarcontract aangeboden krijgen, met ingang van 1 september 2010. Let op! Piet dient de leeftijd van Jan en de totale duur van het dienstverband in de gaten te houden. Het contract dient af te lopen voor Jan 27 wordt, en voordat hij 48 maanden in dienst is. De onderbreking tussen de contracten is korter dan 3 maanden, en wordt dus meegerekend. Jan kan een contract aangeboden krijgen tot 1 juni 2010, dus voor een duur van 10 maanden.

5. Een andere situatie: Slim Bekeken B.V. neemt de 18-jarige Kees in dienst. Kees blijkt een handige jongen te zijn, en Piet ziet voor hem carrièreperspectieven binnen Slim Bekeken B.V. Maar net als bij Jan wil hij ook Kees geen vast contract bieden. Stel: de nieuwe wet treedt in werking op 1 september 2010 (dit is in werkelijkheid 9 juli 2010). Het eerste jaarcontract loopt af op 31 oktober 2010. Piet biedt Kees een tweede tijdelijk contract aan, in één keer voor 36 maanden! Dit contract zal op 31 oktober 2013 aflopen. Dan is de tijdelijke maatregel aangaande het vierde contract mogelijk al verlopen… Toch krijgt Kees geen vast contract, de regeling blijft gelden voor arbeidscontracten die aan alle voorwaarden voldoen op het moment dat de tijdelijke regeling ophoudt te bestaan.

Als u verdere informatie wenst kunt u contact opnemen met de juridische afdeling van Worrell & Jetten.